Faire en efficiënte migratie. Zodat wie kan blijven, snel meedoet

Heel veel mensen zijn teleurgesteld over hoe ons land omgaat met migratie. Het lijkt één grote warboel waar de overheid geen controle over heeft: mensen die geen recht hebben om te blijven, blijven toch. Mensen die wel recht hebben om te blijven, slapen op straat.

Niemand lijkt er echt baat bij te hebben: onze samenleving niet en de migranten zelf niet. 

Lef is nodig om het aan te pakken

Nochtans is het essentieel voor onze welvaartsstaat dat we op een goede manier omgaan met migratie. Mensen die vluchten voor oorlog maar ook broodnodige buitenlandse verpleegkundigen en ingenieurs hebben hun plaats in onze samenleving. We willen geen middeleeuwse muren rondom België of Europa bouwen, maar we willen ook geen samenleving die uit elkaar valt omdat mensen elkaar niet kennen, elkaars taal niet spreken en vijandig tegenover elkaar staan.

Migratie is dus voor ons een hele belangrijke evenwichtsoefening, waarbij we moeten waken over ieders belang. Dat is niet eenvoudig maar wel nodig. Het vraagt lef om migratie als vraagstuk aan te pakken, maar we gaan die uitdaging niet uit de weg. 

Tegen open én gesloten grenzen 

De uitdaging begint bij het feit dat België en Europa geen eilanden zijn. Er komen mensen aan die op de vlucht zijn voor moeilijke omstandigheden in hun thuisland, maar ook mensen die gewoon hier willen komen wonen en werken. Het is niet makkelijk om te bepalen wie we moeten beschermen, wie onze welvaartsstaat kan komen versterken en wie we de toegang tot ons land moeten ontzeggen.

De debatten daarover worden steeds extremer en de oplossingen steeds minder realistisch: ofwel pleiten mensen voor open grenzen, ofwel voor radicale afsluiting van de buitenwereld.

Beide opties zijn onwenselijk en onhaalbaar. Er is een redelijke middenweg.

Wat nodig is

Het eerste wat we daarvoor nodig hebben zijn duidelijke regels. Daarom werken we in deze regering mee aan een nieuw migratiewetboek. Het moet helder zijn wie hier mag komen werken en wie hier bescherming krijgt. Zolang de regelgeving een warboel blijft, weet niemand waar hij aan toe is en voelt iedereen zich onfair behandeld.

Het tweede wat nodig is, is een snelle en efficiënte toepassing van die duidelijke regels. Procedures mogen geen jaren aanslepen. Wie moet vertrekken, moet dat snel weten. Wie mag blijven, moet zo snel mogelijk aan de slag kunnen, zodat dat de integratie vlot kan verlopen en geen kansen verloren gaan.

Ten slotte moeten we werken aan terugkeer: het is essentieel dat migratie een domein van fair play wordt. Wie geen recht heeft om te blijven moet ook effectief terugkeren naar het land van herkomst. Een waardige terugkeer, maar ook daadwerkelijk terugkeer. Afgewezen asielzoekers die in de illegaliteit verdwijnen, zijn een slechte zaak voor iedereen. 

Fair Play

Fair play in migratie is dan ook de enige realistische oplossing.

Zolang we geen eiland zijn, zolang we willen meedraaien in een internationale en Europese context, zolang we de mensenrechten willen respecteren, moeten we ons verzetten tegen tegen de illusie van totaal gesloten grenzen.

En zolang we een welvaartsstaat willen zijn waarin alle mensen met elkaar verbonden zijn door taal en deftig werk, moeten we ons verzetten tegen de illusie van totaal open grenzen.

Geen van beide opties zijn werkbaar.